Reisverslag januari 2007

Donderdag 25 januari zijn Harma Baak en Marina Molenaars, beiden bestuurslid van de stichting, vertrokken met de bus naar Slavonski Brod.
Na 24 uur stapten wij geheel uitgerust uit de bus. Zdravko Duvnjak, de priester van het centrum “De Drie Engelen”, wachtte ons op. Wij hadden extra koffers mee met o.a. cadeautjes voor de weeskinderen en babykleding voor het ziekenhuis. De extra grote auto die de priester geleend had om ons op te halen, bleek toch nog te klein.

In het centrum wachtte de vrouw van de priester, Lilian, ons op. Zoals gewoonlijk had zij een warme maaltijd voor ons klaar staan.
Wij zagen dat de privé-vertrekken waar wij altijd verblijven startklaar gemaakt zijn voor afbouw. Zij wonen al jaren in vertrekken waar nog geen elektra in de muur is geplaatst. Stroom verloopt van verlengsnoer naar verlengsnoer. De muren zijn van rood baksteen, deze moeten nog gestuct worden. Er is geen normaal functionerende keuken en in de badkamer ligt nog een kleedje i.p.v. tegels. Al het geld dat zij in het pand te investeren hadden, is in de gemeenschappelijke ruimte gestoken. Daar worden kinderen opgevangen en kan iedereen terecht voor hulp. Ook zijn in deze ruimte de kerkdiensten.

Het centrum is nog lang niet afgebouwd. Bij het CNF is een subsidieverzoek ingediend voor de afbouw van het centrum. Dit verzoek is niet eenvoudig tot stand gekomen. Zij moesten voldoen aan allerlei Europese regels, onder andere het maken van diverse offertes voor de afbouw van het pand. Zo’n offerte maken kost geld. In totaal heeft de priester 1.500 euro moeten lenen om de subsidieaanvraag te kunnen indienen. Alle vrijwillige medewerkers van het centrum hopen dat de aanvraag wordt gehonoreerd. Het zou erg zijn, als alle moeite en geld er voor niets in gestoken is.
We hebben gesproken met een Nederlander die in de commissie van CNF zit. Hij zegt dat het centrum een goede kans maakt, omdat zij al 15 jaar werken in deze formule met veel succes. April-mei hopen wij wat meer van het CNF te weten.

Doel van onze reis was erachter komen hoe de verdeling gaat van alle duizenden kilo’s kleding die wij telkens brengen en erachter komen, of al die kleding brengen nog wel noodzakelijk is.
In de kerkzaal lag veel kleding die onze vrachtwagen op 9 december gebracht had. De kleding was keurig gesorteerd en geordend. Het zag er overzichtelijk uit. De kinderkleding lag in een kleinere ruimte naast de kerkzaal. Elke dag van 09.00 uur tot 14.00 uur kunnen mensen in het centrum terecht voor kleding. Vrijwilligers runnen dit onder supervisie van de vrouw van Duvnjak. Sommigen hebben een bewijs van de sociale dienst. Anderen hebben nog geen bewijs; de aanvraag duurt lang.
Deze mensen worden geregistreerd in een schrift. Honderden gezinnen staan geregistreerd. Klanten die komen, komen met een gerichte vraag: één broek of zo. Geen tassen vol dus. Kleding gaat in een plastic tas van een Nederlandse winkel. Wij zagen in de stad heel wat bekende supermarkttassen voorbij komen.
Er was een vrouw op consult bij een arts in het ziekenhuis. Deze vroeg waar zij het jack van een bekend merk vandaan had. Ze zei: “het centrum De Drie Engelen”. De arts ging vervolgens ook naar het centrum. Zij zag tot haar verbazing, dat het geen winkel was, maar een uitdeelcentrum. Daar wilde ze geen gebruik van maken, omdat ze met haar salaris wel wat kopen kan.

Op zondagmiddag komt er een groep kinderen die thuis onder nare omstandigheden leven. Deze kinderen doen gezelschapsspelletjes met elkaar, dit alles onder professionele begeleiding van vrijwilligers ven het centrum.

Deze groep kinderen hebben we met elkaar aangekleed. Ze mochten een trui en een broek uitkiezen. Voor de kinderen met versleten schoenen was er een paar schoenen, dat ze zelf mooi vonden. We hebben ze allemaal bij het verlaten van het pand een sjaal omgedaan en prachtig gefotografeerd. Het is leuk voor de dames die voor ons breien. Zij kunnen nu eindelijk eens zien voor welke kinderen zij breien.

In de loop van de week werd ons duidelijk dat wij nooit geweten hebben dat er zo veel inwoners uit Slavonski Brod en omgeving door ons gekleed worden. De 20 bananendozen met schoenen zijn er al doorheen. Kinderspijker-broeken en nog meer kleding is op. We hebben nu gezien wat we in de toekomst meer en ook wat we minder mee kunnen nemen. Drie vrachtwagens per jaar met kleding is niets teveel, wel voor onze kleine groep vrijwilligers. Wij kunnen zoveel werk niet aan. Wij doen wat in ons vermogen ligt.

De directeur van het ziekenhuis had van de zomer o.a babykleding aan mij, Marina, gevraagd voor baby’s die te vroeg geboren worden. Helaas waren de premature babyrompertjes die klaar lagen voor de reis verbrand. Gelukkig kwam er een moeder van twee kinderen één dag voor vertrek veel babykleding brengen. Dit hebben we aan de hoofdzuster van de kinderafdeling overhandigd.

Haar ogen straalden. Ze vroeg me de volgende keer ook wat grotere maten mee te nemen. Zij kende van haar afdeling een gezin dat zo arm is, dat het in een huis zonder vloer leeft. Lilian, de vrouw van de priester, heeft gezegd dat zij dit gezin maar door moet sturen naar “De Drie Engelen”. Zij zullen dit gezin helpen.

Het ziekenhuis heeft met het decembertransport 25 hoog/laagbedden, 10 rolstoelen, 300 operatiejassen, een professionele wasmachine en verbandhulp-middelen gekregen. Toen wij een bezoek brachten aan het ziekenhuis liepen we langs onze eigen bedden. Zo is het ook in het centrum “De Drie Engelen”: alles wat we zagen werd door ons meegebracht. We dronken uit onze eigen bekers en gooiden zelfs het vuil in onze eigen vuilnisbak. We speelden met de kinderen een spelletje Memory, dat ook uit Nederland vandaan komt. Alles wat we brengen wordt gebruikt, niets wordt er weggegooid.
Maandagavond zijn we naar het weeshuis gegaan. We hadden een grote koffer met cadeautjes voor ze mee. Natuurlijk ook snoep en voor de oudste kinderen, vanaf 15 jaar, een bijbel. De kinderen reageerden enthousiast. We zagen dat er vergeleken bij vorige jaren veel vernieuwd was. Eindelijk had ieder kind nu een mooi eigen bed. Er stond een bureau in de kamer en een kast. De muren waren keurig behangen. Het zag er stukken beter uit. Elke leefgroep had met Kerst van een computerfabrikant een computer met flatscreen gekregen. Alle computers werden gebruikt. Helaas is er in Kroatië nog geen kabel. Internetten etc. moet per telefoon en dat is te duur voor het weeshuis. Wel een computer, maar geen Internet helaas.
Natuurlijk had de directrice weer een lange wensenlijst voor ons. Het lukt ons vast wel weer aan verschillende wensen te voldoen. Wat te denken van vier strijkplanken en strijkbouten, zodat de jongeren hun eigen kleding kunnen strijken?

We zijn nog even bij een van de medewerkers van het centrum langs gegaan: Laslo, hij zag erg slecht en was in een twee meter diepe kuil gevallen. Hij had zijn bovenbeen gebroken. De priester en Duka, een van de medewerkers, hebben hem na een lange zoektocht uit de kuil gehaald. Op m’n vraag waarom zij niet gewoon de plaatselijke ambulance hadden gebeld kreeg ik als antwoord, dat deze te weinig tijd heeft om voor alle mensen op te draven. De levensbedreigende gewonden of zieken gaan voor. Veel mensen regelen daarom hun eigen transport. Nu wordt Laslo in een particulier bejaardenhuis verpleegd. Wij hebben ook hulpgoederen aan dit bejaardenhuis geleverd. De trap is erg steil, dus werd Laslo op de rug van de priester naar boven gesjouwd.
Harma werd er niet goed van toen zij zag hoe de oudjes bij elkaar gepropt in een kamertje onder de schuine daken lagen te sterven. Aan Harma is verteld dat het in het andere bejaardenhuis niet veel beter is. Er zijn te weinig voorzieningen voor bejaarden, dus prop maar vol. Wij hadden wat aansterkdrankjes van Nutricia voor de ouderen meegenomen, preparaten die de apotheek aan ons verschaft. Deze preparaten hadden ze daar nog nooit gezien.

Met Kerst is er door een sponsor van ons een flinke donatie geweest waar de medewerkers van het centrum kerstcadeautjes voor mocht kopen. De priester heeft ons verteld en ook met foto’s laten zien hoeveel kinderen, gezinnen en alleenstaanden hij heeft kunnen verrassen met voedselpakketten en voor de kleintjes zelfs snoep en cadeautjes. Hij heeft het geld met veel zorg en intentie besteed aan hen die het nodig hadden.

Tijdens de kerkdienst heeft de priester gesproken over de catastrofale brand die ons is overkomen.
In de bijbel staat dat brand een functie heeft. Het vernietigt de slechte dingen. In plaats daarvoor is nu ruimte gekomen voor goede dingen. Daar moeten we ons maar aan vasthouden. Vandaar waarschijnlijk de spreuk “In de brand, uit de brand”.
Met een voldaan gevoel kwamen we woensdag 31 januari weer thuis. Nu hebben we weer ervaren hoe hard onze hulpgoederen daar nodig zijn. Dit stimuleert ons in het werk dat we doen.
Nu maar hopen dat we een erg goede opslagruimte krijgen voor de hulpgoederen.

Dank aan allen die ertoe bijgedragen hebben dit werk mogelijk te maken.

Marina Molenaars